Klachten reglement

Voor een ieder die meent dat hij /zij door handelen of nalaten van een begeleider van ACCES Arbeidsdeskundigen VOF, hierna kortheidshalve aan te duiden als ACCES, in het kader van preventieve activiteiten ter voorkoming van uitval bij arbeid en reïntegratiedienstverlening direct in zijn /haar belang is getroffen.

Centraal meldpunt voor klachten is Vonderstraat 5 te Bunde, tevens vestigings- en kantooradres van ACCES.

Het centraal meldpunt is op werkdagen van 9.00 tot 17.00 uur bereikbaar.

Correspondentie en coördinatie van de klachtenafhandeling verloopt eveneens via genoemd adres.

De klachten worden vermeld in eveneens aldaar aanwezig register, dat op verzoek voor een ieder ter inzage is. Op verzoek van UWV wordt hierover driemaandelijks gerapporteerd.

DEFINITIES

Artikel 1

1.1 De Commissie

De klachtencommissie bestaat uit ten minste drie personen, te weten de Voorzitter en tenminste 2 leden. De voorzitter maakt deel uit van het gedistribueerd ondernemerschap binnen ACCES. De overige leden zijn externe deskundigen.

1.2 Deskundige

In de commissie zijn ten minste twee deskundigen vertegenwoordigd, die ruime ervaring hebben in de praktijk van arbeidsreïntegratie of arbeidsdeskundig werk, al naar gelang de geldende problematiek, op aanwijzing van de voorzitter van de commissie.
1.3 Klacht

Een ieder, die meent dat hij /zij door handelen of nalaten van een begeleider van ACCES in het kader van advies inzake arbeidsongeschiktheid, arbeidshandicap of voorziening ingevolge daarvan, dan wel activiteiten ter voorkoming van uitval bij arbeid of reïntegratiedienstverlening, direct in zijn /haar belang is getroffen, kan een klacht indienen.

BEHANDELING VAN EEN KLACHT

Artikel 2

Aan de beoordeling van de klacht nemen alle leden deel. Bij afwezigheid van een lid zal de commissie een vervanger aanwijzen. Hierbij wordt de aard van de klacht in aanmerking genomen. De voorzitter mag niet in enigerlei functie direct aan de cliënt verbonden zijn.

VERSCHIJNINGSPLICHT

Artikel 3

3.1 Indien de commissie of beide partijen zulks wenselijk achten, roept de commissie partijen op om ter behandeling van de klacht voor haar te verschijnen en bepaalt daartoe dag, uur en plaats.

3.2 Bij niet verschijnen van een partij kan de commissie, naar eigen beoordeling, partijen opnieuw voor een zitting oproepen dan wel haar uitspraak geven met vermelding van het niet verschenen zijn

3.3 Partijen kunnen zich ter zitting doen vertegenwoordigen door een gemachtigde en zich doen bijstaan door een raadsman, die het recht heeft in de vergadering namens partijen het woord te voeren.

INLICHTINGEN VERSTREKKEN

Artikel 4

4.1 Partijen zijn verplicht de commissie zodanig inlichtingen te verstrekken als zij verlangt. De voorzitter is bevoegd deskundigen te benoemen.

4.2 De commissie maakt van stukken en van mondelinge verklaringen slechts gebruik voor zover zij partijen in de gelegenheid heeft gesteld van die stukken  kennis te nemen en het afleggen van mondelinge verklaringen bij te wonen.

4.3 Het staat de commissie vrij aan het niet voldoen door een partij aan haar verlangen bedoeld in het eerste lid, gevolgtrekking te verbinden welke haar geraden voorkomt.

BESLISSING

Artikel 5

5.1 Zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 6 weken nadat de commissie haar onderzoek naar aanleiding van de klacht heeft voltooid, neemt zij met meerderheid van stemmen een beslissing.

5.2 De leden van de commissie oordelen naar billijkheid en op grondslagen van het Nederlands Recht. De commissie geeft haar uitspraak in de vorm van een bindend advies.

BEHANDELEN VAN EEN KLACHT

Artikel 6

6.1 De klacht bevat de naam en het adres van de belanghebbende en de wederpartij alsmede een uiteenzetting van de klacht, welke een duidelijke omschrijving bevat van de handelswijze van de begeleider waartegen de klacht is gericht en van de gronden waarop de klacht is gebaseerd. De voorzitter kan aanvulling van de uiteenzetting en overlegging van bescheiden of kopieën daarvan verzoeken.

6.2 De klachtencommissie kan een klacht slechts in behandeling nemen indien de cliënt schriftelijk heeft bevestigd dat :

-hij de uitspraak van de commissie als bindend advies zal aanvaarden.

-de klacht niet (of niet meer) aanhangig is bij of niet reeds tot uitspraak heeft geleid van een rechter, een commissie van scheidsmannen of een daarmee vergelijkbare instantie.

-De klacht eerst is voorgelegd aan de begeleider tegen wie de klacht is gericht, zonder dat daarop gevolgd overleg tot overeenstemming tussen partijen heeft geleid. Deze overeenstemming wordt geacht niet te zijn bereikt zodra één der partijen dit schriftelijk aan de wederpartij heeft meegedeeld.

6.3 De voorzitter bevestigt schriftelijk de ontvangst van een klacht en zendt daarvan een afschrift aan de begeleider tegen wie de klacht is gericht. Van de verder overlegde bescheiden zendt de voorzitter eveneens een afschrift aan de begeleider tegen wie de klacht is gericht.

6.4 Zodra is besloten een klacht in behandeling te nemen, stelt de commissie de begeleider tegen wie deze is gericht in de gelegenheid binnen een door haar te stellen en eventueel te verlengen termijn, schriftelijk te antwoorden. De voorzitter bevestigt schriftelijk de ontvangst van het antwoord en zendt daarvan en van de verder overlegde bescheiden een afschrift aan de wederpartij.

6.5 Bij het uitblijven van antwoord kan de commissie terstond een beslissing nemen.

HET NIET BEHANDELEN VAN EEN KLACHT

Artikel 7

7.1 De klachtencommissie neemt een klacht niet in behandeling wanneer:

-zij van oordeel is dat belangen die met de klacht zijn gemoeid van onvoldoende betekenis zijn;

-zij van oordeel is dat de klacht zich niet leent voor behandeling door de klachtencommissie, om redenen samenhangend met de aard en de relatie tussen cliënt en de begeleider tegen wie de klacht zich richt;

-meer dan een jaar is verstreken tussen het tijdstip waarop de cliënt van de feiten kennis heeft genomen of redelijkerwijs had kunnen nemen en het tijdstip waarop de klacht aan de begeleider is voorgelegd tegen wie de klacht zich richt;

-meer dan drie maanden is verstreken tussen het moment waarop is gebleken dat geen overeenstemming tussen cliënt en de begeleider werd bereikt en het moment waarop de klacht aan de klachtencommissie is voorgelegd;

-de feiten waarop de klacht betrekking heeft te ver in het verleden liggen.

7.2 Van een besluit een klacht niet in behandeling te nemen, worden partijen door de voorzitter in kennis gesteld. De kennisgeving bevat gronden waarop de beslissing berust.

WRAKING

Artikel 8

8.1 De voorzitter stelt partijen in kennis van de samenstelling van de commissie en wijst hen daarbij op de bevoegdheid tot wraking.

8.2 Elk der partijen is gedurende tien dagen na dagtekening van de kennisgeving bedoeld in het vorige lid, bevoegd per aangetekende brief met afschrift aan andere partij onder opgave van redenen de commissie mede te delen dat zij een of meerdere leden wenst te wraken.
8.3 Een lid van de commissie kan worden gewraakt op grond van de te zijnen aanzien bestaande feiten of omstandigheden, waardoor zijn onpartijdigheid bij de behandeling van de klacht aan twijfel onderhevig zou kunnen zijn.

8.4 Indien de deskundigen allen, door wraking, verschoning of anderszins verhinderd zijn aan de behandeling van een klacht deel te nemen, kan de voorzitter besluiten dat een klacht zal worden behandeld door een commissie waarvan geen deskundige deel uitmaakt.

8.5 De klachtencommissie, m.u.v. degene wiens aanzien wraking is voorgesteld, beslist over de wraking. Tegen deze beslissing staat geen zelfstandig rechtsmiddel open.­

© 2012 - 2018 Acces Arbeidsdeskundigen